Meer dan twintig kleine blokjes

In het donker in de keukenla ligt een cadeau.
Trek ik ’m open, verschijnt het in alarmrood pakpapier
dat afsteekt tegen het oogverblindende keukenwit
Zo’n pakje laat je niet liggen,
ook al deed ik niks om voor te worden beloond.

Mijn vinger glijdt over het papier, zzzzier.
Knisperend krakend als ik het openscheur.
Meer dan twintig blote, bruine blokjes aan mij tentoongesteld.
Een doffe plof als ik er twee afbreek.

De zoete geur vult mijn neus met herinnering.

De blokjes proberen te ontsnappen
door het met zonlicht gevulde keukenraam.
Tussen mijn warme vingers weg te glijden.
Maar ik houd ze stevig vast
en voel de mousse tegen m’n vingers aan.

Geen kant kunnen ze op. Alleen richting m’n mond.
Zodra ze op m’n tong vallen, proef ik wat ik al rook:
zoet, zacht, zalig.
Alarmrood verliest het in stralend wit van smeltend bruin
tot het op is.

Advertenties