Pompoensoep

Het aanrecht komt iets dichterbij door
de grote kruk waarop ik zit. Mijn moeder kookt
pompoensoep, zachtjes neuriet ze warme herfst
door de oranje keuken. Kachel opgestookt.

De zoete geur verlaat de keuken maar
ik wil dat dit voor altijd blijft bestaan.
Ik – tussen mijn broers – op ’t bankje aan tafel
Besef dat het niet lang meer zo zal gaan.

Een ui, een peen, een snufje zout, pompoen.
De schil hoeft er niet af, de kook maakt ’m zacht.
Twintig minuten roeren dan even stampen.
’t Oranje feest is klaar terwijl je wacht.

Vandaag roer ik de pan met dikke soep.
Gevlekt recept van moeder bij de hand.
Mijn keuken geurt nu zachte melodietjes
en ik ben in m’n eigen herfst beland.

Advertenties